Lang weekend barbeelvissen in Noord Frankrijk

Enkele maanden geleden kwam Leon in onze vismaten whatsapp groep met het idee voor een weekend vissen op barbeel / witvis in Frankrijk. Na wat heen en weer te appen over de periode kwam het er op neer dat alleen Leon en ik een mogelijkheid zagen ook daadwerkelijk te gaan. Eind mei 2016 had Leon een week vrij en dus besloten we het eerste weekend van zijn vakantie te gaan. Na wat gegoogle en overleg kwamen we uit bij de ‘La Meuse’ (oftewel de Maas) in de Franse Ardennen, vlakbij de grens met België. We vonden een camping aan de rivier waar ook nog het riviertje de Semois uitkwam. De camping beschikt over moderne 4persoons stacaravans welke we voor €150 voor 3 nachten tot onze beschikking hadden. Vrijdagavond aankomen en maandagmiddag weer terug.

Dag 1: heenreis en een avond vissen

Op vrijdag 20 mei 2016 rond 13:00 kwam Leon mij ophalen in Zwolle. Dakkoffer op het dak, banken plat en wonderbaarlijk genoeg kregen we alle zooi in de auto. Waarschijnlijk namen we teveel troep mee, maar omdat dit de eerste keer was wilden we toch het zekere voor het onzekere nemen. Leon kon als echte ‘coarse visser’ niet zonder z’n zitkist. In mijn ogen onhandig voor de visserij die wij gingen beoefenen, maar als het in de auto past, wat maakt het uit dan?

Volle bak

Tegen 14:00 / 14:30 konden we vertrekken. Na wat drukte rond Luik waren we uiteindelijk rond 19:15 ter plaatse. Zoals verwacht rond deze tijd van het jaar was de camping erg rustig. We hadden de beschikking over een moderne stacaravan met eigen badkamer en toilet en genoeg plek voor onze zooi. Eerst even spullen uitladen en dan snel wat eten halen bij de snackbar die om de hoek zat bij de camping. Daarna als een gek de hengels optuigen, want er moest natuurlijk gevist worden. De Maas stroomde op 50 meter van onze caravan. De oever ter plaatse was mooi vlak en goed bevisbaar, dus dat was een voordeel. Vissen en alvast flink voeren met pellets en hennep was het idee, zodat we daar de volgende dag echt de vruchten van konden plukken. Er zat een lekker stroming in het water, maar korven tussen de 90 en 120 gram bleven goed liggen. Het water was ook niet al te diep, naar schatting zo’n 2 meter. Met schapenbix en gekiemde hennep draaide Leon snel een voertje in elkaar en we konden van start. Beiden begonnen we met een een hengel met maden en een hengel met een pellet / boilie. Op mijn thuisrivier de IJssel vis ik nauwelijks meer met maden, omdat dat alleen maar grondel oplevert. Hier leek ons dat heel anders. Het tegendeel was echter waar, want de eerste actie en eerste vis die Leon mocht landen was deze:

Nadat we de vissengisd hadden bekeken denken we dat het een witvingrondel is of een riviergrondel. Welke soort het ook is, hier komen we niet voor. Omdat de maden bij ons beiden geen actie meer gaf werden deze als snel vervangen voor een pellet. Tijdens het vissen waren we driftig 10mm halibut pellets aan het schieten, om maar veel voer te brengen.

Ruim een uur na de grondel kreeg Leon weer een aanbeet. Dit keer op de spicey sausage pellet van Sonubaits. Dit voelde al een stuk beter, maar Leon kon niet echt duiden wat er nu aan de haak hing. We waren superblij toen daar de eerste barbeel van de trip aan de oppervlakte verscheen. Geen monstervis, maar met 54cm zeer welkom.

eerste avond, eerste barbeel

Bij mij bleven de aanbeten totaal uit helaas. Ik wisselde wat van aas maar het haalde allemaal niks uit. Voor Leon was het een half uur later wederom raak op de spicey sausage pellet. Dit keer een kopvoorn van 39cm. Dit was ook één van onze doelvissen, dus hiermee had Leon gelijk al best een succesvolle sessie te pakken. Wederom niet de grootste (39 cm), maar wel gaaf dat de vissen de we graag willen vangen ook actief zijn. Leon vangt ze ook niet dagelijks, dus ondanks de maat, was dit toch gelijk een PR. Omdat we geen idee hebben hoe dit weekend verder gaat verlopen, gaan alle vangsten natuurlijk gewoon op de foto. Ik persoonlijk had nog nooit een kopvoorn in het echt gezien, maar ik vind het echt schitterende vissen. Ik kan me voorstellen dat de enorme muil van dat beest menig karpervisser tot waanzin drijft. Daar passen makkelijk dubbele 30mm boilies in.

Een half uur later wederom een vis voor Leon. Het voelde lomp en zwaar en dit keer was het een mooie dikke brasem die ook wel van spicey sausage hield. Natuurlijk in Nederland vang je die ook, maar toch leuk: 4 soorten op 1 avond.

Vlak hierna had ook ik eindelijk mijn verlossende aanbeet op een spicey sausage pellet. Ik baalde hevig toen ik deze zeer gewenste vis na een korte dril verspeelde. De onderlijn was vlak onder de knoop gebroken. Het was ondertussen ook al na middennacht dus vlak na dit baalmoment zijn we gestopt, omdat we de volgende dag natuurlijk ook vroeg aan het water wilden zitten. Een leuke succesvolle avond voor Leon. Helaas een blank voor mij. Het was in ieder geval wel duidelijk dat er op de camping zelf al goed vis te vangen was.

Dag 2: Vissen vanaf de camping en bij een ‘barrage’

We hadden de wekker om 6:00 gezet, zodat we een zo lang mogelijke visdag hadden. Omdat we de niet al te vroeg in bed lagen de nacht van tevoren en de blank mij niet lekker zat, was het niet echt fris wakker worden. Het plan was om het in eerste instantie op dezelfde stek als gisteravond te proberen om te kijken of het voeroffensief effect had. Nou, daar kan ik kort over zijn: nee. Beiden kregen we geen enkele aanbeet. Na zo’n 3 uur vissen gingen we maar eens ontbijt halen bij de supermarkt en ons beraden wat te doen. Via google maps zagen we dat er een barage in de buurt was (10 minuten rijden). We besloten de campingstek eerst maar eens flink aan te voeren, want wellicht konden we in een avondsessie daar nog van profiteren. Halibut pellets met de spod / kattepult en hennep met een ‘spomb’ moesten de vis op onze stek brengen en houden

Na deze voercampagne gingen we op zoek naar de barrage. Het was schitterend weer, dus we hadden wel zin in deze zonnige sessie. Na het ontbijt was mijn korte nachtrust ook weer vergeten en konden we er vol goede moed tegenaan. We waren al snel ter plaatse en na een verkennende wandeling langs de oever kwamen we bij een plek waar we met wat avontuurlijk klimwerk bij het water konden komen. De rivier lag 2 meter lager dan waar wij stonden, maar zonder al teveel moeite konden we met onze spullen naar benden klauteren. Toen kwamen we in het vissersparadijs. De rivier was een stuk breder dan bij de camping en door de barrage die zo’n 150m stroomopwaarts lag zat er veel roering in het water wat ons veel vertrouwen gaf. Leon begon gelijk zijn viskist in het water op te stellen. Voor hem niks mooier dan dat. Ik zat prima op de kant, met de steun voor me in het ondiepe water.

Omdat ik maden toch nog wel een kans wilde geven besloot ik om kortbij, precies in de overgang van ‘zachte’ naar harde stroming maar eens in te zetten met een zware madenkorf. De maden zelf hadden we de avond van tevoren al bestrooit met knoflookpoeder, dus die stonken een uur in de wind. De andere korf ging de volle hoofdstroom in gevuld met monkeymix besprenkeld met een garlic / cheese flavour en een schep spicey sausage poeder. Beiden van Sonubaits. Aan de hair de voor mij zeer vertrouwde Sonubaits Code Red boilie, 2 stuks van 12mm. Leon had beide korven gevuld met de schapenbix / hennep combi van gisteravond. Nog aangevuld met wat pellets. Rond 12:30 lagen de hengels in het water en kon de tweede sessie van de dag beginnen. Met 25 graden en een zacht briesje in een prachtige natuurlijke omgeving was het genieten geblazen. Nu maar hopen op veel vis natuurlijk. 200meter verderop was een meervalvisser vanuit een boot aan het vissen en dat was dan ook de enige menselijke activiteit die wij konden bespeuren.

De eerste 1,5 uur ging aanbeetloos voorbij. Bij mijn maden hengel haalde ik alleen af en toe leeggezogen exemplaren naar boven. Ik had echter geen enkele beetindicatie, dus waarschijnlijk betrof dit zeer kleine vis. Na die 1,5 uur begon de top van de verre hengel plotseling hard te tikken, de baitrunner gaf niet echt lijn, maar de vis had zichzelf wel gehaakt. Het voelde vrij zwaar, maar het niet als barbeel. Even zwom de vis zich vast (korf vast waarschijnlijk), maar gelukkig kwam ie ook weer los. Even later kwam daar de eerste kopvoorn van mijn leven (en dus een PR) richting het net. En het was een mooi vet en groot exemplaar van 51,5cm. Leon heeft de landing vastgelegd op film.

De code red boilies bewijzen zicht weer eens. Hopelijk willen ze er nog meer van. Helaas bleef het weer lang stil bij ons beiden. Bijna anderhalf uur later kreeg ik eindelijk weer een aanbeet. Deze vis kon ik vrij makkelijk naar binnen draaien, dus barbeel sloot ik uit. Even later kwam er wederom een mooie kopvoorn het net in van 50cm naar boven. Deze was minder vol als de eerste en gaf dus ook veel minder tegenstand. Ik was er natuurlijk niet minder blij mee.


Leon was ondertussen begonnen met te ervaren wat ik de avond van tevoren had meegemaakt: geen enkele aanbeet krijgen. Voor mij was met met 2 vissen ook niet echt druk, maar in ieder geval wat actie. Beiden visten we nu met monkeymix en 2 code red boilies aan de hair. Ook Leon kreeg daar toch eindelijk een aanbeet op, maar deze vis gaat door de onderlijn heen. Balen voor Leon, en ik baalde met hem mee want het is toch leuker als je beiden vis vangt. Na mijn laatste vis moest weer ik zo’n 1,5 uur wachten voor er een aanbeet kwam. Dit was weer een sterkere vis dan de vorige en het resultaat was een mooie dikke kopvoorn van 53cm. Mijn PR dus weer verbetert. Na het fotomomentje kon ook deze vis natuurlijk weer gaan zwemmen. Altijd een prachtig moment. Opvallend dat een kopvoorn gelijk weer op adem is in tegenstelling tot barbeel die een veel langere reanimatie nodig heeft.

Tien minuten na de PR kopvoorn krijg ik weer een aanbeet en na een snelle dril is het wederom een 50+ kopvoorn (51cm) die met mij op de foto mag.

Het was ondertussen tegen 18:00 en gezien de zeer geringe actie en het feit dat we trek kregen besloten we de boel in te pakken en even eten te gaan regelen. We zijn daarna nog even een paar uur wezen vissen op de camping, maar ook daar kon Leon helaas zijn succes van de avond tevoren niet herhalen. Ik kreeg nog een harde aanbeet, maar deze vis zwom zich vast waarbij ik de vis helaas verspeelde. Vandaag dus gevist op een prachtige stek, met schitterend weer maar wederom met matig resultaat. Het is dus niet ‘even ingooien’ en vangen. We ‘filosofeerden’ dan ook druk wat we nou fout deden, maar hadden toch het gevoel dat we op zich goed bezig waren. Hopen dat de zondag ons meer ging brengen. De weersvoorspellingen waren wel zeer slecht en dus besloten we ondanks de magere resultaten van de ochtend dat we nu toch een volle dag vanaf de camping gingen vissen. De aarden wal bij de barage waar we vanaf moesten klimmen leek ons namelijk geen succes in de stromende regen. Bijkomend probleem was dat het brandstof lampje van de auto van Leon al brande en dat er door stakingen in heel Noord-Frankrijk nauwelijks brandstof was te krijgen. Een probleem wat nog lastig kan worden, omdat we maandag ook wel graag naar huis wilden rijden.

Vrij vertaald: geen brandstof, zoek het lekker zelf maar uit!

Dag 3: regen,regen, regen (en ook nog wat vis)

De zondag begon regenloos en op de valreep konden we droog opbouwen. Vanaf 8:00 echter gingen de sluizen op. Het was gelukkig nagenoeg windstil, dus onder onze paraplu’s konden we het goed droog houden. Ik besloot vandaag maar eens rustig aan te beginnen, dus na het opbouwen ging Leon gelijk vissen en ik ging maar eens rustig een bak koffie gaan drinken in de caravan. Toen ik ook aan het water verscheen had Leon net z’n eerste kopvoorn teruggezet. Geen groot exemplaar (38cm), maar het geeft wel vertrouwen. Naast een kopvoorn had Leon met het schepnet deze vis uit het water getild:

Een (helaas dode) Koikarper van circa 70cm. Hoe komt zo’n vis op de rivier terecht? Had natuurlijk leuker geweest om met de hengel op de kant te krijgen.

De regen ‘geselt’ ondertussen onze paraplu’s. Leon zit prima, maar ik ben de eerste 2 uur alleen maar bezig om deze goed neer te zetten. Het blijft gemartel die plu’s :-(. Leon pakt ondertussen z’n tweede kopvoorn. Dit keer mooi aan de maat met 48cm.

Naast de vertrouwde monkeymix had ik deze keer besloten om ook een korf met grondvoer in te zetten. Sonubaits ‘cheesy garlic’ gevuld met mais, hennep en pellets moet de klus gaan klaren.
Het is echter op de monkeymix en de code red boilies waar ik vlak voor het einde van de ochend eindelijk een aanbeet krijg. In eerste instantie denk ik aan kopvoorn, maar eindelijk komt daar die lang verwachte barbeel van 54cm boven water.

Het blijft verder doodstil en ik besluit maar eens wat anders te doen: 2 zoete 10mm ‘butterscotch’ boilies aan de hair. Alle hartige smaken leveren immers niks op. Dit lijkt een goede zet, want even later krijg ik weer eens een aanbeet en na een korte dril kan ik deze kopvoorn van 47cm landen.

Nog geen half uur later op hetzelfde aas een keiharde typische barbeel aanbeet. Is deze zoete boilie dan de sleutel? Nadat ik de hengel heb opgepakt neemt de vis een keiharde run, maar daarna kan ik hem stevig drillend naar de kant krijgen. De barbeel aan de haak is niet de grootste, maar wel erg hoog en dik. Duidelijk nog niet afgepaaid.

Nog geen half uur later krijgt ook Leon weer een aanbeet terwijl hij net bezig is zijn andere hengel opnieuw te beazen. Het voelt tijdens de dril als een stevige vis en ook voor Leon is daar nu zijn eerste vijftiger kopvoorn. Met 52cm ook voor Leon een mooi PR.

Daarna valt het weer stil en pas ruim 2 uur later weet Leon nog een kleine kopvoorn van 35cm te vangen op een in een halibut flavour gesoakte pellet. Het regent nog steeds onafgebroken. Om een beeld te schetsen hoe het tekeer ging, zie onderstaand filmpje:

Tegen 19:00 besluiten we maar even op te gaan warmen in de caravan en wat te gaan eten. Als we de puf hebben gaan we na het eten nog even vissen. We vinden dat we vette hap verdient hebben en lopen naar de snackbar naast de camping, maar die blijkt dicht te zijn! Dat is balen, maar met wat we nog in huis hebben weten we dan toch nog een soort van maaltijd te bereiden.

Het eten, een kop koffie en de verwarming uit de caravan doen ons goed en we besluiten het tegen 21:00 toch nog even een paar uurtjes te proberen. Het grote wonder is geschied, want het wordt langzaam droog. Na 13 uur onafgebroken regen is dat wel erg prettig.

In de schemering krijg ik weer een paar felle tikken op de top en vang ik deze kopvoorn van 49cm. Weer op een spicey sausage pellet.

Daarna is het afgelopen met de actie en tegen 22:30 gooien we de handdoek in de ring. Dit keer gelukkig geen blank. Ieder 4 vissen waaronder een paar mooie exemplaren, maar voor het aantal geviste uren is dit wederom een mager resultaat. We besluiten de spullen te laten staan aan de waterkant (onder de paraplu). Morgenmiddag de terugreis en daarvoor nog maar even een paar uur vissen vanaf de camping. De resultaten van vandaag geven natuurlijk niet veel vertrouwen, maar omdat er ook nog gepakt moet worden en we feitelijk niet genoeg brandstof hebben om ook nog door de omgeving te gaan rijden is dit toch het plan.

Dag 4: vissen vanaf de camping en vertrek
De volgende dag beginnen we natuurlijk met wat inpakken en halen we even ontbijt bij de supermarkt. De benzinepompen hebben nog steeds geen brandstof en dus belt Leon met zijn leasemaatschappij. Na wat heen en weer gebel regelen zij uiteindelijk dat er een Belgische wegenwacht 20 liter diesel komt brengen. Dat is geruststellend en dus kunnen we met een gerust hard nog even een paar uurtjes vissen.

Omdat we nogal wat gekiemde hennep over hebben die we niet mee terug willen nemen maken we met de overgebleven schapenbix, een paar scheppen knoflookpoeder en wat aarde uit een molshoop dit voer (vooral dus bedoeld om hennep te kunnen brengen). Met de hand werpen we enkele tientallen ballen in het water. Eens kijken of deze wanhoopspoging nog wat oplevert.

Het water stroomt wat harder dan gisteren (waarschijnlijk door die enorme hoeveelheid regen), maar de korfen blijven nog steeds goed liggen. De aanbeten laten nu echter nog langer op zich wachten. De ochtend gaat aanbeetloos voorbij en de moed zakt ons in de laarzen. Het weer is wel een stuk beter en met een mager zonnetje kunnen de spullen ook nog een beetje drogen voordat ze de auto ingaan. Als tegen 14:30 de wegenwacht is geweest met brandstof hebben we beiden eigenlijk geen motivatie meer om nog langer door te vissen en we gaan rustig aan opruimen. Zoals zovaak is dat natuurlijk het moment voor een aanbeet en op de valreep weet ik nog deze kopvoorn van wederom 49cm te vangen op de zoete butterschotch miniboilies. Een mooie afsluiter van dit taaie weekend.

De reis verloopt voorspoedig afgezien van wat drukte rond de grote Belgische steden en Leon zet mij om 20:00 af in Zwolle.

Conclusie

Een schitterend avontuur dat ik voor geen goud had willen missen. Leon en ik zijn allebei gelijk gestemden met maar 1 doel tijdens zo’n reisje: zoveel mogelijk uren vissen. De resultaten zijn zeer mager te noemen natuurlijk, maar gelukkig zaten er wel een aantal mooie exemplaren bij. Op de terugreis heb ik wat zitten appen met Tim Janssen en die gaf aan dat dit water in mei erg lastig kan zijn. Dat gaf ons toch ook weer een goed gevoel dat het niet helemaal aan onszelf lag (behalve dat we de verkeerde periode hebben gekozen). Tim gaf aan dat september feitelijk de maand is om hier te gaan vissen. Dus Leon: dat gaan we doen!! Ik heb er nu al zin in. Bedankt voor dit weekend in ieder geval, dat nemen ze ons niet meer af 😉

Tropisch bootvissen op Bonaire

Op 12 januari 2016 begon eindelijk onze lang geleden geboekte vakantie naar het zonnige Bonaire. In de meest deprimerende koude maand van het jaar lekker naar de zon, wat een heerlijk vooruitzicht. Mijn vriendin Liesbeth heeft tussen 2001 en 2003 gewoond op dit eiland en na al die verhalen wilde ik het ook eindelijk wel eens zien. Hoofddoelen waren zonnen, het eiland bekijken, snorkelen, misschien een keertje duiken, lekker eten etc. Kortom gewoon genieten van een tropische vakantie. Vantevoren had ik mij nog wel even verdiept in eventuele vismogelijkheden. Ik kwam er al snel achter dat je dan aangewezen bent op de big-game charters. Kosten voor een dag vissen komt dan tussen de $500 en $800. Je zit dan met 4 a 6 man op een boot en na wat ik later hoorde mag je dan blij zijn met 2 aanbeten op een dag. Als je dat combineert met golven van soms wel 5 meter dan is dat niet een manier van vissen waar ik blij van wordt. Kortom: vissen in deze vakantie had ik eigenlijk afgeschreven.

Na de vlucht van 10 uur stapten we uit het vliegtuig en de warmte viel als een warme deken over ons heen. Wat een heerlijk gevoel. Door het altijd aanwezige windje is het zeer goed uit te houden. Een dag na ons kwamen ook mijn schoonzusje en zwager op het eiland. Met hen hebben we de dag daarna gelijk een eiland tourtje hebben gedaan met de huurauto. Ook mijn schoonzusje heeft hier 2,5 jaar gewoond en de dames konden ons dus veel vertellen en de bezienswaardigheden laten zien.

De beroemde ‘slavenhuisjes’


Leguaan, bijna net zo zeldzaam als mussen in Nederland 😉


Bergen met zeezout, groot export product van het eiland


Gotomeer (zout), foerageer- en broedgebied voor Flamingo’s


En de bijbehorende flamingo’s

Kortom, lekker de toerist uithangen dus. Tijdens het snorkelen komen we tientallen vissoorten tegen, maar de drang om ze te vangen heb ik niet. Gewoon lekker kijken en genieten.

Naast de eerder genoemde toeristenbezigheden zijn mijn schoonzusje en zwager vooral gekomen om te kite-surfen. Spijtig voor hen was dat deze week de wind niet krachtig genoeg was, dus van kiten kwam niet veel terecht. Wel gingen ze met enige regelmaat naar ‘het kitestrand’ om te kijken wat de status aldaar was. Mijn zwager Mathijs kwam daar iemand tegen die druk bezig was om de kaak uit een haaienkop te snijden (schoongemaakt super voor aan de muur natuurlijk). Deze kop was dezelfde ochtend achtergelaten voor lokale vissers.

Ze raakten aan de praat en de ‘ontkaker’ bleek Peter te zijn, een Nederlands kite instructeur, die al enkel jaren op het eiland woont. Als het niet waaide bleek hij veel te vissen vanuit te boot die hij trailert vanaf het kitestrand. Nog mooier is dat Peter tegen vergoeding ook opstappers meeneemt! Toen Mathijs mij dat ’s avonds vertelde, met de mededeling dat we de volgende ochtend meekonden hoefde ik niet lang na te denken natuurlijk.

Maandag 18-01-2016
De volgende dag stonden we tegen 9:00 op het kitestrand en even later kwam Peter ook aanrijden met de boot. Een ‘simpele’ Carolina Skiff met een 15pk motor.

Peter had voor ons beiden een hengel meegenomen. Het plan was trollen met als doel tonijntjes vangen. Daar hadden we wel oren naar, want hoewel ik normaal altijd ‘Catch and Release’ vis, wilde ik nu wel eens een vers maaltje sashimi vangen.

Als setup had Peter voor een beiden een stevige, maar zeer lichte hengel met high-end Daiwa molens in 4000 / 5000 model, voorzien van een 80ponds PE lijn. Deze lijn had een kleurindicatie (elke 10 of 25m een andere kleur), zodat je weet hoeveel lijn je hebt uitstaan. Onderaan de hoofdlijn zat een zeer dikke 1,5 m fluorcarbon leader en tenslotte een korte stalen onderlijn (voor de baracuda’s). Onderaan deze stalen onderlijn geen wartel, zoals we hier in het zoete water gewend zijn, maar een splitring. Peter vist hier al enige jaren en heeft door schade en schande ontdekt dat je materiaal hier ‘top of the bill’ moet zijn om de keiharde aanbeten en runs van sterke zeevissen op te vangen. Peter had nog geen enkele wartel gevonden die de krachten aankon. Wellicht dat grote ‘zeewartels’ het houden, maar aangezien het kunstaas bestaat uit kleine zoetwaterplugjes (Rappala taildancers etc.) is dat geen optie, omdat dat alle actie uit het kunstaas haalt. Een splitring is dan natuurlijk een zeer stevige, maar toch verfijnde optie. Deze doordachtheid gaf mij al gelijk het gevoel dat we hier met een ‘visgids’ te maken hebben die weet wat ie doet.

Na het traileren en de nodige uitleg beginnen we met trollen met dieplopers. Gewoon de plugjes die we hier voor snoekbaars op de rivieren gebruiken. Wel waren ze allen voorzien van stevige splitringen en zeewater bestendige haken. We trollen ze een flink eind achter de boot (50 a 60 meter), want zo vertelde Peter, tonijn is een schuwe vis die zich laat wegjagen door motorgeluid. We trollen langs de rand van de ‘drop-off’. Dus waar het water naar grote diepte gaat. We zigzaggen wat naar dieper water en weer terug. Verschil met het trollen in Nederland is dat de snelheid hoger ligt (geen stationair gepruttel als hier) en dat je veel agressiever actie in je kunstaas brengt. Als ik hier trol op snoek of snoekbaars geef ik ook wel rukjes aan het kunstaas, maar ik ga niet zo tekeer zoals Peter ons heeft voorgedaan. Het eerste half uur zijn er geen aanbeten, maar Peter vertelt ondertussen wat over zijn avonturen hier hoe het er onder water uitziet qua structuur (daar zit een bult, daar een stroomnaad, daar kuil etc.) M.a.w. Peter kent het water behoorlijk goed. Hij vertelt ook dat ie vrij minutieus de boel in kaart heeft gebracht door op diverse plekken zware pilkers te laten zakken. Met de eerder genoemde lijn met kleurindicatie kom je je er dan al snel achter wat de dieptes zijn.

Na het eerste half uur wijst Peter ons op zeevogels die het water induiken als we goed kijken zien we nu ook springende aasvis. Dit duidt duidelijk op roofvis (waarschijnlijk tonijn) die van onder een school aasvis naar de oppervlakte jaagt. Onmiddelijk wordt 1 van onze hengels voorzien van een pilkerachtig stuk kunstaas. Iets zwaars wat lekker ver geworpen kan worden. Peter legt uit dat als we weer zo’n school aasvis zien bovenkomen we zo dichtbij mogelijk proberen te komen en dan moet dat aasje zo dicht mogelijk bij of nog beter over de school heen geworpen worden. Dan binnenhalen en het is direct vis of niks. Te dichtbij komen, of door de school heen varen kan dus niet, want zoals eerder gezegd is tonijn schuw. We varen wat rond en er komt weer een school aasvis boven. We zijn redelijk in de buurt en we komen binnen werp afstand. Ik doe een eerste worp, maar ik mis finaal het doel. De scholen verdwijnen als bij toverslag en komen dan opeens 200 meter de andere kant op weer boven. Vissen kunnen ongekende snelheden halen. Terwijl we rondvaren trolt Mathijs rustig door en ik sta (of zit) werpklaar. Er komen nog twee scholen boven. Ik mis er 1 en de ander is alweer weg, voordat ik kan werpen. Dan is Mathijs aan de beurt. Er komt weer een school boven en Mathijs werpt finaal mis……. Peter maakt er een opmerking over dat dat wel een heel slechte worp is, Mathijs draait binnen en bam, toch vis. Het is niet heel groot merkt Mathijs en inderdaad draait hij evenlater een klein ‘black fin’ tonijntje vinnen. Omdat het nu pas de eerste vis is twijfelen Mathijs en ik om hem mee te nemen, ondanks de maat. Peter geeft de doorslag door aan te geven dat je dergelijke kleine vis moet laten zwemmen. Deze krijgt nog tijd om zich voort te planten.

We gaan verder Mathijs neemt de trollhengel weer over. We zitten in een gebied waar steeds scholen aasvis bovenkomen, maar we kunnen ze niet altijd op tijd bereiken. Dat er in de buurt wel tonijn rondzwemt merkt mathijs aan het feit dat ie weer een beuk krijgt. Wederom een black-fin tonijn en deze keer van het formaat eetbaar en dus gaat deze in de coolbox.

De aanwerpbare scholen blijven even uit de buurt en Peter voorziet mijn hengel ook weer van een trollplugje. Deze is iets zwaarder als de eerdere, dus er kan in geval van een school dichtbij ook nog iets beter mee geworpen worden. Even later heb ook ik mijn eerste black-fin tonijntje te pakken tijdens het trollen. Deze is lekker aan de maat en geeft goed partij. Het zijn lekkere sterke visjes, maar geen probleem voor het gebruikte materiaal.

Omdat we per uur betalen en Mathijs een uurtje vissen wel mooi vind geeft ie de hengel over aan Peter. Ik wil nog wel even doorgaan en al snel pak ik weer een tonijn. Peter weet dat het scholenvis is en dus moeten er meer in de buurt zijn. Hij haalt dan ook niet gelijk binnen maar zegt: “Even een double hookup”. Hij heeft het nog niet gezegd of we staan plotseling allebei vis te drillen. En even later verdwijnen er weer 2 black-fin tonijnen in de coolbox.

Double hookup!

Vlak daarna komen er weer wat scholen aasvis naar boven en we kunnen dichtbij genoeg komen om te werpen. Ik maak een slechte worp naast de school, maar toch vergrijpt een tonijn zich vrijwel onmiddellijk aan de plug. Dit is een ander soort (ik ben even de naam vergeten) en Peter verteld dat deze nog roder is van kleur dan de black-fin en uitermate geschikt is voor sashimi.

Peter haakt even later ook nog een redelijke tonijn, maar deze verspillen we vlak voor de boot. Hierna blijven de ‘aasvis erupties’ uit en we moeten langzamerhand weer terug naar het trailer strand. Dat doen we trollend, waarbij ik helaas niks weet te vangen. Peter vangt nog een mini tonijntje die weer terug gaat. Daarnaast komen er nog 2 kleine typische rifvissen boven. Eert deze ‘lizard fish’. Dit is een klein visje (ongeveer 25cm), maar je ziet de enorme bek waar heel wat in kan verdwijnen. Deze bodemvisjes komen het kunstaas halen wat zo’n 10 meter boven hen langskomt.

Lizard Fish, past genoeg eten in

Even later komt deze ‘grouper’ boven. Deze kan serieus groot worden. zoals Peter omschrijft: ‘een regenton met vinnen’. Beide soorten gaan natuurlijk terug.

Grouper

Uiteindelijk gaan we aan wal met 5 tonijnen. Peter verwijderd voor ons de ingewanden en laat ons zien hoe we ze verder schoon moeten maken.



Prachtige verse shashimi filets

Ik vraag Peter ook eens de maaginhoud te laten zien en dit is het resultaat: Allerlei kleine half verteerde visjes. Dat zijn dus de scholen aasvis die we steeds boven zagen komen.

Maaginhoud

Aangezien er deze week nog geen wind verwacht wordt en Peter dus niet hoeft te werken als kite-instructeur, geeft ie aan dat hij nog wel een keer gaat vissen deze week. Ik besluit dan wat langer mee te gaan, waarbij we ook wat andere technieken kunnen gaan proberen om nog wat meerdere soorten te vangen. Tenzij de wind onverwacht toch aanwakkert zullen we woensdag of donderdag op pad gaan.

Zo blij als kinderen sms’en en Mathijs en ik naar de meiden dat we vanavond verse vis eten. Thuis zijn we nog een paar uur aan het snijden, waarbij we nog bezoek krijgen van een zeer schichtige kat, die zich te goed doet aan wat reststukjes. Resultaat is dit bord vol super verse tonijn waar we 2 dagen van hebben gegeten met z’n vieren. Een waar feestmaal.


Sashimi time!

Zoals eerder gezegd ben ik normaal altijd van het ‘catch and release’, maar op deze manier gevangen en op zo’n eiland geeft het wel een heel speciaal gevoel.

De volgende dag krijg ik van Peter een appje met de vraag of ik vandaag ook kan vissen. Helaas voor mij zie ik dit appje pas in de middag (zeer slecht wifi hier) en ben ik dus te laat. Later op de dag stuurt hij me een foto van de vangsten:

Grote Mahi Mahi’s gevangen aan de oppervlakte! Dit is balen, want dit loop ik dus mis. Peter geeft aan dat het beter is woensdag uit te varen, ivm wind verwachting op donderdag.

Woensdag 20 januari 2016
Met de foto’s van de Mahi Mahi’s in mijn hoofd meld ik me om 9:00 op het kitestrand. Ik hoop dat het vandaag net zo’n succesvolle dag is als gisteren, maar het blijft vissen. Peter vertelde dat de Mahi Mahi’s gewoon 2 meter naast de boot aan het jagen waren. Het kunstaas werd gegrepen op het moment dat het het water raakte. Ze hadden er ook nog 1 verspeeld en daarnaast nog wat andere vissoorten gevangen.

We begonnen wederom met trollen en nadat we bijna tegen een schildpad aanvaren die lucht kwam happen had ik al snel de eerste vis. Een kleine ‘lizard fish’ die direct weer terug mocht zonder foto. Vlak daarna een veel hardere beuk en ik had voor mijn gevoel iets groots aan de haak. Even later kwam er een vis naar boven die veel kleiner was dan ik verwacht had, maar dat geeft dus aan hoe sterk zeevis is. Deze prachtige ‘Bar Jack’ mocht na de foto weer vrolijk rondzwemmen.

Het begin is hoopgevend en hopelijk dienen de grote vissen zich ook aan. Het trollen levert niet veel meer op en Peter besluit om het eens jiggend te proberen met pilkers. Hij legt uit hoe het werkt: de boot wordt stationair in zijn achteruit gezet, waardoor we min of meer stil liggen. De Pilker van 60 a 80 gram moeten we gewoonweg naar beneden laten zakken. Als de bodem bereikt is (zo’n 80 meter onder ons!) stevig ‘zwiepend’ met de hengeltop naar boven rossen, waarbij de pilker steeds even ‘dwarrelt’ (beter als dit kan ik het niet uitleggen) . Peter doet het een paar keer voor en geeft aan dat het niet helemaal naar de oppervlakte hoeft. Het gebeurt op de eerte 20 meter vanaf de bodem of helemaal niet. Nu is de eerder genoemde kleurindicatie op de PE lijnen erg handig, omdat je dan weet waneer je 20 meter hebt opgehaald. Ook krijg je een idee op welke dieptje je vist. Deze visserij is een kwestie van 2 a 3 keer proberen en als je niks vangt een stukje verderop of wat dieper / ondieper vissen.

Al snel krijgt Peter (duidelijk de degene die deze visserij goed beheerst) een gigantische beuk. Zijn pilker is bij de eerste molenslag op 80 meter diepte te grazen genomen. Aan zijn euforie merk ik dat hij ook verrast is door de kracht van de aanbeet. Hij heeft geen idee wat er aan de andere kan van de lijn zit, maar het voelt lomp. Eenmaal aan de oppervlakte ligt ie te ‘knorren’ (ik heb later gelezen dat deze vis daar bekend om is, ook onderwater kan je dat schijnbaar horen soms) en neemt nog even doodleuk een run van 25 meter de diepte in. Uiteindelijk blijkt het te gaan om een ‘Queen Trigger Fish’. Een prachtige tropische vis.

Queen Trigger Fish

Wel een groot exemplaar van deze soort (de max is 60cm), maar veel kleiner dan de dril deed vermoeden. Peter heeft een dergelijk vis slechs 1 keer gevangen (wat kleiner), dus hij is er zeker blij mee. Peter steekt even zijn tang in de bek van de vis en deze begin onmiddelijk keihard te bijten. Geen grote muil, maar wel verstandig je vingers er een beetje bij vandaan te houden. Ook apart is dat de huid van de vis leerachtig ruw aanvoelt. Nodeloos te zeggen natuurlijk dat ook deze vis na de foto weer terug is gezet. Later heb ik nagelezen dat deze vis voor de mens zelfs giftig is om te eten.

We ‘verticalen’ verder en even later vangt Peter weer een soort die we nog niet aan boord gehad hebben.

Onbekende soort

Peter kent de naam van deze vis niet en tot op heden weet ik ook nog steeds niet wat het is. Wel een mooie beestje die weer snel mag zwemmen. Ik weet met deze methode geen vis te vangen en ook bij Peter valt het stil. We besluiten nog een klein stukje te trollen waarbij Peter een vis lost en ik een aanbeet krijg die niet blijft plakken. Dan gaan we op volle snelheid naar een stek waar we vanuit de boot werpend barracuda kunnen vangen. Het trollen levert niks op en dus gaat het gas er even op. Prachtig in deze wateren is dat de vliegende vissen met je meevliegen. ik heb dit nog vastgelegd op film, maar helaas is het allemaal niet goed zichtbaar op het filmpje :-(.

Aangekomen bij de stek Legt Peter wederom de visserij even uit. We vissen met simpele ondiep lopende polder plugjes, maar ipv rustig vissen zoals in de Nederlandse polders moet je ze keihard op hoge snelheid naar binnen rossen. Peter vangt bij de eerste worp gelijk een barracuda van 60 a 70 cm Tijdens de dril komen z’n maatjes even polshoogte nemen wat al die commotie toch is. Prachtig om te zien in het helderee water. Zodra je je plug er naast mikt draaien ze er naartoe om de potentiële prooi te pakken. Naast de boot pakken ze het aas echter niet. Het zijn imponerende vissen, met een vervaarlijk gebit. Een paar worpen later is het voor mij nu ook raak, maar deze verpeel ik (uitgebogen haak blijkt later). Peter pakt er nog één en ik krijg wat volgers die meezwemmen tot aan de boot. Gelukkig is het dan ook raak voor mij en kan ik mijn eerste barracuda landen van 60 a 70cm. Het zijn net snoeken, zowel qua looks als qua vechtgedrag. De aanbeten zijn echt keihard. Ik heb er geen foto van gemaakt, want we zouden er zo ‘nog wel even een paar bijvangen’. Helaas niet dus, want zo fel als deze vissen in eerste instatie toehappen, zo snel stopt het ook. Alsof ze het doorhebben. Daarom maar deze internet foto, zodat jullie begrijpen wat ik bedoel:

Bron: http://bigfishesoftheworld.blogspot.nl

We proberen nog wat worpen en plekjes en trollen nog 1x langs de stek, waarbij Peter nog een beuk krijgt die niet blijft plakken.

We varen op hoge snelheid terug naar de eerdere stekken richting het kitestrand en besluiten het laatste uurtje te trollen, zodat we meters maken. Helaas blijkt de vis er vandaag verder geen zin meer in het hebben. We varen nog een behoorlijk eind tot vlakbij de plek waar het eiland de bocht omgaat. De zee wordt daar gelijk een stuk ruiger, maar de vissen worden er verder niet hongeriger van. We slalommen wat van dieper naar ondieper water, maar we weten ze niet te vinden. We lullen ondertussen (net als de rest van de dag) over vissen en Peter legt me ook uit waarom de wateren hier zo rijk aan vis zijn: grote commerciële visserij is er niet. Alleen lokale vissertjes die met handlijnen kleine hoeveelheden vis vangen. Daarnaast is het speervissen verboden, waardoor de riffen vlak onder de kust ook vol met vis blijven zitten.

Ik merk aan mijn bijna rode benen dat de zon nu echt op zijn krachtigst is en het komt dus ‘goed’ uit dat de visdag erop zit. We varen naar het kitestrand en ik waad naar de kant, waar de volgende opstapper alweer klaarstaat.

Samenvattend een prachtige halve dag vissen. Geen grootse vangsten (een dag te laat opgestapt dus 😦 ), maar wel 5 verschillende soorten aan boord gehad en veel geleerd (al kan ik het in Nederland niet echt gebruiken ben ik bang). In tegenstelling tot de eerdere visdag hebben we vandaag geen enkele oppervlakte activiteit bespeurd (vluchtende aasvis / duikende vogels), waarmee dus duidelijk wordt dat ook hier de ene visdag niet de andere is.

Peter, bedankt voor deze 2 visdagen. Dit was wel een onverwachte verrassing voor mij deze vakantie en ik had ze niet willen missen. Mocht ik nog een keer naar Bonaire gaan (wat ik van harte hoop) dan zal ik zeker contact met je opnemen om een visdagje in te plannen.

Mocht je als lezer van dit verslag ook naar Bonaire gaan en je wil dit ook meemaken dan kan je Peter eventueel benaderen via facebook: https://www.facebook.com/peter.tuinman.1?fref=ts

Als je mij even een berichtje stuurt, mag ik je ook zijn telefoonnummer geven.

2013 alweer voorbij, een terugblik

En zo is 2013 alweer voorbij. Daarom aan iedereen ten eerste de beste wensen voor het nieuwe jaar. Natuurlijk in combinatie met veel en / of grote vangsten.

Sportvistechnisch is dit jaar voorbij gevlogen, tijd voor een terugblik / overzicht. Ik heb de nodige uren aan de waterkant kunnen doorbrengen, maar mijn eerste gevoel is dat het qua vangsten allemaal niet spectaculair was. Zowel qua aantallen als qua grootte van de gevangen vissen. Toch waren alle visdagen stuk voor stuk genieten.

Het begin van dit jaar herinner ik me vooral als: koud! Het voorjaar wilde maar niet beginnen. Na wat taaie roofvissessies in het begin van het jaar was het 1 april tijd voor de traditie van Marco, Henk en mij: de start van het (wit)visseizoen bij Henk op de camping. Lekker rustig feederen in de hoop op die mooie voorjaarswindes en dikke brasems. Dit jaar vond dat op 1 april plaats (in 2012 een mooie lentedag), maar dit jaar leek het wel ijsvissen zo koud.

Twee weken later was de gemiddelde temperatuur nog steeds zeer laag voor de tijd van het jaar, maar ik kon wel de eerste methodfeeder sessie er uit persen. Dat leverde gelijk de eerste echt mooie vis van het jaar op: deze prachtige moddervette schubkarper. Na zo’n lange kou periode was ik daar erg blij mee.

Vlak hierna begon het ook weer tijd te worden voor de hoofdbevlieging: barbeel. Na de eerste mislukte pogingen van het jaar ervoor had ik wat aanpassingen doorgevoerd in mijn methodes. Helaas was het de eerste sessie(s) van dit jaar vooral dit uitzicht: roerloze toppen en afwachten (met af en toe een brasem tussendoor).

Voordat ik het wist was het juni. In deze maand ging het hoogtepunt van het visjaar plaatsvinden: een vistrip van een week naar het prachtige visland Zweden. Een trip die ik heb gemaakt met vismaat Henk en Hans en Pascal van sportvisforum http://www.sportvistotaal.nl. Samengevat vielen de vangsten tegen, maar de ervaring was onvergetelijk. Ik kan nog steeds genieten van de foto’s en verslagen die ik ervan gemaakt heb. Vooral de robuuste natuur is het gene wat me het meest is bijgebleven


Een maand na deze ervaring was het eindelijk zo ver: de vangst van mijn eerste IJssel barbeel. Wat heb ik daar lang voor moeten knokken.

Triest maar waar is dat het daar ook bij is gebleven dit jaar. Nog steeds ben ik dus meer “Basterd” dan “Barbeel”. In mijn laatste barbeelsessie dit jaar echter heb ik wel een schitterende bijvangst gehad in de vorm van deze ijzersterke IJsselkarper van ruim 23 pond.
Gezien de enorme strijd die deze vis mij gegeven heeft is dit dan ook de vis van het jaar. Ook al had ik hem / haar graag ingeruild voor een grote barbeel 😉

Op dit moment zitten we natuurlijk midden in het snoekseizoen. Dit is een visserij die dit jaar erg goed verloopt (qua aantallen in ieder geval). In oktober ben ik daar weer actief mee begonnen en tot nu toe heeft daar nog geen enkele blanksessie plaatsgevonden. Het roofvissen vanaf de kant is voor mij weer echt leuk geworden. De felheid waarmee vooral snoek 1 meter van de kant je kunstaas aanvalt is iets wat je mee moet maken.

Samengevat: wederom een mooi visjaar met vele leuke sessies, maar in z’n totaal waren de vangsten niet echt heel geweldig. Gelukkig heb ik ook de nodige uren aan de waterkant mogen doorbrengen met Marco en Henk. Mannen, ik hoop dat we dat we dat in 2014 ook weer kunnen doen.

Zweden 2013 dag 7 (07-06-2013): laatste dag en conclusie

Wat gaat het toch snel. Zo leef je maanden naar deze vakantie toe en zo is alweer de laatste dag aangebroken. Henk en ik wilden eigenlijk zaterdagochtend vertrekken, maar op aanraden van Pascal besloten we toch om vrijdagavond te vertrekken om verkeersdrukte in Duitsland en bij de tolbruggen te omzeilen.

Hans en Pascal gingen niet meer vissen deze dag. Ze gingen samen met Anton naar een hengelsportzaak in Växjö, een wat grotere stad op ongeveer een half uurtje vanaf Rydaholm. Op die manier wilden ze lekker fris blijven voor de terugreis en ze waren benieuwd of er ook witvisspullen te koop waren in een Zweedse hengelsportzaak. Zoals te verwachten was was de winkel een waar roofvisparadijs. Witvissen is kennelijk niet groot genoeg om geld mee te verdienen in Zweden. Wel wist de eigenaar dat in de stad onlangs een grote witviswedtrijd was geweest. Zowel Anton als Hans en Pascal vielen van hun stokje toen ze dat hoorden. Kennelijk is er dus toch een echte witvisscene in Zweden! Op aanwijzingen van de winkelier zijn ze naar het betreffende water gereden. Het was een groot meer in de stad en wat bleek: perfect Hans en Pascal water. Auto dichtbij parkeren, lange steigers en diep genoeg voor korte worpen met de feeder en vissen met de vaste stok. Ook groot genoeg voor verre feeder worpen. Als de heren dat eerder hadden geweten. Voor Hans was het bijna reden om volgend jaar terug te komen. Ik was er niet bij en er zijn geen foto’s, maar ik heb het even opgezocht op google maps. Ik denk dat dit hetgene is wat Hans en Pascal gezien hebben.

Henk en ik wilden toch nog wel even een rustig visdagje. We besloten dat we vandaag met levend aas gingen driften op het riviertje waar we eerder al gevist hadden. Dus eerst wat aasvisjes vangen, dan stroomopwaarts varen en ons rustig op stroom en wind af laten zakken. Corrigerend met de elektromotor. Met allemaal overhangende en half in het water gevallen bomen ruikt het gewoon naar snoek. De aasvis doet zijn werk wel en wij zitten relaxed in ons bootje. Eerst gingen we nog even al onze visspullen uitzoeken en klaarzetten voor het inladen in de auto, zodat dat snel gepiept was na het vissen.

Licht bepakt met 2 roofvishengels en een 4 meter telescoophengeltje gingen we op pad. Het traileren gaat ondertussen heerlijk relaxed, dus we zaten al snel op een aasvis stek. Binnen 40 minuten hadden we genoeg visjes voor 2 a 3 uurtjes driften en voeren we stroomopwaarts het riviertje op. Zonnetje erbij en geen wind. Ingrediënten voor een relaxt paar uurtjes vissen.

Helaas kan ik er verder kort over zijn (ook wel eens fijn toch?) Ook in onze laatste Zweedse vissessie waren de snoeken ons niet goed gezind. Helaas, maar het is niet anders. Wel zeer relaxed gedobberd en totaal niet vermoeid geraakt voor de lange autorit.

Tegen 17:00 waren we weer bij de Stuga en konden we de auto volladen en nog wat rust nemen. Hans en Pascal waren een paar uur geleden reeds vertrokken. Anton regelde een piza als avondeten bij de lokale pizeria. Na het eten nog even een uurtje liggen en tegen 21:00 was het dan echt gedaan met ons Zweedse visavontuur. Na hartelijk afscheid genomen te hebben van Anton en Erna kon de lange reis weer beginnen. Om dat ook maar kort te houden: om 8:30 de volgende ochtend waren we weer in Zwolle. Het was inderdaad heerlijk rustig op de wegen.

Conclusie
Behalve om te vissen en te genieten hadden we natuurlijk ook een missie: ‘onderzoeken’ of het witvissen in Zweden goed mogelijk is. Natuurlijk hebben we niet heel Zweden bekeken, maar alleen de directe omgeving van Rydaholm. Een eenduidig antwoord is eigenlijk niet te geven, maar ik zal het toch proberen.

Ten eerste moet er natuurlijk witvis aanwezig zijn. Als jullie de andere verslagen gelezen hebben weten jullie dat voorn oververtegenwoordigd is. Brasem is zeker aanwezig in grote getale, maar we merkten dat deze niet altijd even eenvoudig op de stek te krijgen was. Hans en Pascal hebben een aantal keren op dezelfde plek gevist, waardoor er als het ware voorgevoerd werd. Dit resulteerde vooral bij de derde dag in snelle aanbeten van brasem. De scholen blijven dus in de buurt op dat moment. De vooraf gefantaseerde 4 kilogram brasems zijn echter uitgebleven. Dat deze wel degelijk aanwezig zijn kon Anton beamen. Er waren vlak voor ons een aantal witvissende Belgen als gast geweest en die vingen deze vissen wel degelijk.

Een probleem van het witvissen in Rydaholm is de bereikbaarheid van kantstekken. Iets wat wij niet voorzien hadden. Wil je vissen vanaf een groot plateau met de hele mikmak en wil je ook nog de auto dichtbij (zoals in Nederland volgens mij bijna overal kan), dan wordt de keus heel erg beperkt. Hans en Pascal hadden een mooi plekje, maar dat betreft wel een strandje. Zodra het weer beter wordt, kan je daar waarschijnlijk niet vissen vanwege de aanwezigheid van badgasten. De laatste dag ontdekten zei een groot meer in Växjö waar je volgens mij zelfs grote wedstrijden kan houden. Hans was in ieder geval wild enthousiast, maar ikzelf heb dat dus niet. Ik ga naar Zweden om te vissen in rust en natuur. Dan wil ik niet aan zo’n stads meer gaan zitten waar je dat niet hebt. Smaken verschillen natuurlijk.

Toen het meer in Växjö nog niet ontdekt was, hebben we onder het genot van een biertje met Anton besproken wat voor mogelijkheden er zouden zijn om de witvis kantvisserij mogelijk te maken in de omgeving van Rydaholm. Optie 1 is om met lokale hengelsportverenigingen de handen in één te slaan en bijvoorbeeld vissteigers te gaan plaatsen. Natuurlijk brengt dit hoge kosten met zich mee en de viscultuur in Zweden is niet kantvissen, dus hoe happig zijn deze verenigingen hier op? Een andere optie is afspraken maken met eigenaars van lokale privé wateren. Hans en Pascal hebben aan zo’n privé water heerlijk zitten vissen in een schitterende omgeving. Gezien het netwerk wat Anton heeft is dat een meer haalbare optie lijkt me.

Over de iets minder gangbare ‘witvis’ (is dat het wel?), maar zeer populaire zeelt wil ik ook graag nog wat zeggen. Helaas hebben wij deze week niet in ons net mogen ontvangen. Maar we zijn er allemaal 100% van overtuigd dat deze vis er voorkomt. We hebben veel typisch zeeltwater gezien (helder water, planten, modder bodem). Daarnaast kon Anton ons een recente foto van een dood gevonden zeelt laten zien. Op het privé meertje waar Henk en ik het voor het laatst geprobeerd hebben zat zeelt, 100% zeker. De maagdelijkheid van het water werkte in dit geval misschien wel tegen: de vis is gewoon totaal onbekend met alle aassoorten. In het verslag van die dag zei ik het al: dit soort wateren vergt investeringen in de vorm van voorvoeren. Als je die moeite neemt, kan je vanuit de boot mooie zeelten gaan vangen.

Eindconclusie: Zweden (in ieder geval in de buurt van Rydaholm) is een prachtig land met een bijna eindeloze hoeveelheid meren, rivieren en plassen. Allemaal met een uitstekende witvisbezetting. Echter moet je een beetje van het traditionele “Hollandse” witvissen en feederen af, waarbij je een half boorplatform langs de waterkant installeert. De mogelijkheden hiervoor zijn i.v.m. de opbouw en bereikbaarheid van de oevers beperkt. Voor wie in staat is zijn vismethodes aan te passen aan de Zweedse omstandigheden en bijvoorbeeld vanuit een boot gaat vissen, zijn er eindeloze rietkragen, ongerepte riviertjes, zacht wiegende plompenvelden en sprookjesachtige eilanden waar allemaal gevist kan worden. Je kan er on-Hollandse puntgave vis vangen in een adembenemende omgeving met vergezichten waar je echt stil van wordt. Je komt echt gewoon de hele dag niemand tegen en het enige dat je hoort is het klotsen van water en de natuur om je heen. Voor wie dit wat lijkt zou ik zeggen, witvissen in zweden? Doen!!!! Wij zijn in ieder geval een onvergetelijke ervaring rijker.

Tot slot
Tenslotte wil ik Anton en Erna nogmaals hartelijk bedanken voor hun gastvrijheid en de mogelijkheid dit avontuur mee te maken. Anton heeft echt de benen uit zijn lijf gerend om alles zo gladjes mogelijk te laten verlopen. Stekken zoeken, vergunningen regelen, contacten bellen met vragen over stekken, boten aanpassen zodat eigen fishfinders er op konden. Niks was te gek.

Het verblijf waar we zaten had alles wat we nodig hadden. Het was basic, maar belangrijke dingen als een goede warme douche waren tip-top in orde. Voor ons avondeten werd gezorgd, maar als je zelf voor je eten moet zorgen is er een compleet ingericht kookgelegenheid. Ook is er een supermarkt in de buurt waar je alles kan krijgen om je een week te redden.

Ook sponsoren nogmaals bedankt:
– Berlok (www.berlok.nl) voor de enorme hoeveelheid lokvoer, aditieven, pellets en soft pellets.
– Hengelsportwinkel Zunnebeld uit Zwolle (www.zunnebeld.nl) bedankt voor het mooie kunstaas.

Zweden 2013 dag 6 (06-06-2013): zeeltmissie en feederen op Furen

Hans en Pascal hebben helemaal hun plek gevonden op Furen en gaan hun laatste visdag weer daar besteden. Voor Henk en mij staat er een moeilijke missie op het spel: zeelt vangen op een onbekend meer waar volgens de locals zeelt zit. De kans op een blank is groot, maar we willen het toch proberen.




Tegen 10:30 zitten Hans en Pascal weer volledig visklaar op het bekende strandje bij de trailerhelling. Pascal dit keer ook voorzien van een heavy feeder die hij heeft kunnen lenen van Henk. Gisteren ving Hans op de grote afstand namelijk beduidend meer brasem op 80 meter dan Pascal op 50. De heren bemerkten wel dat het diepte verschil op 50 of 80 meter vrijwel nihil was, dus wat nou het verschil maakte? Vandaag werd het Berlok voer op vismeel basis ingezet. Ook nu weer voorzien van lekkere ingrediënten als mais, maden en casters. Zouden vandaag die 4 kilo jongens (en meisjes) in het net komen? Met 25 graden en een zwak windje een heerlijke (on-koedijks) weertje in ieder geval.

Net als gisteren begon de dag ook nu weer met voorn, maar al snel begon de brasem ook te azen. De sessies van gisteren zullen daar ook aan meegeholpen hebben. Lekker voorvoeren laat maar zeggen. Doordat de heren beiden op dezelfde afstand lagen gingen ze ook mooi gelijk op en menig mooie brasem verdween in de landingsnetten. Dit gaat één van de betere dagen worden.


Op een gegeven moment heeft Pascal net als gisteren lijnbreuk bij de inworp, waarbij hij wederom zijn hele hebben en houwen in de plomp ziet verdwijnen. “Ach”, zegt Hans, “dat vang je zo wel terug, net als gisteren”. En geloof het of niet. Pascal, flikt het hem weer. Even later krijgt hij weer aanbeet van een voorn en hierbij hangt ook zijn vorige korf aan de haak, met nog een extra gehaakt voorntje. Twee keer in 2 dagen een dergelijke stunt, hoe is het mogelijk! Daarnaast kan Pascal nog een goocheltruc met brasems. De zogenaamde ‘zweefbrasem’, schitterende truc wat mij betreft 😉

Zweefbrasem

Uiteindelijk hebben Hans en Pascal in een paar uurtjes zo’n 40 kg vis gevangen. Een mooi resultaat op de voor hun laatste visdag. Morgen staat er een bezoekje aan het plaatsje Växjö op het programma.

Zoals eerder gezegd gingen Henk en ik proberen zeelt te vangen op een ‘echt’ zeeltwater. Een klein meertje (volgens Anton 300 bij 300 meter ongeveer). Kantvissen was niet mogelijk, dus weer vanuit de boot. Het betrof een privé water zonder echte trailerhelling, maar via een zeer smal bospad konden we tot het water komen en met wat duw en trekwerk kon de boot te water gelaten worden. Avontuurlijk traileren laat maar zeggen. Het meertje was veel groter dan Anton zei (1 bij 1 km ongeveer), maar wel goed te overzien. Overal plompenbladeren en andere waterplanten, dus in eerste instantie zag het er zeer zeelterig uit. Vrij helder water ook (zoals overal hier), dus ook dat was een pré. Wel was het vrij zonnig. Fijn voor de vissers, maar voor zeeltvisserij niet echt gunstig eigenlijk.

Dit was de trailerhelling

Dit water was qua witvis / zeeltvisserij absoluut maagdelijk. Het was maar de vraag of er überhaupt wel eens gevist werd. Waar vind je dat nog in Nederland? Aan de ene kant een voordeel, aan de andere kant kennen de vissen ons aas totaal niet en een boot zou ook wel eens als zeer afschrikwekkend kunnen gelden. Is de vis niet aan gewend.

Na wat rondgevaren te hebben op de elektromotor kozen we een mooi plek op een paar meter van een groot plantenveld, zodat we redelijk tegen de rand van dat veld konden vissen. Tijdens het varen hadden we met de schepnetsteel de diepte gepeild (vandaag hadden we geen dieptemeter mee). Het was overal zo’n 1,5 a 2 meter diep en wat nog mooier was: er lag overal een dikke laag slip / modder op de bodem. Ook perfect voor zeelt dus!

Stek 1, recht tegenover de trailer helling…. zien jullie hem?

Beiden gingen we met de penhengel in de weer. Henk had ook nog zijn feeder erbij. Een klein voerplekje aanmaken met wat Berlok vismeel voer en wat mais moest de truc gaan zijn voor vandaag. Als aas 2 dikke pieren. De wind in de rug, dus dat viste redelijk makkelijk. Na ongeveer een half uur ging mijn pen onder, aanslaan en hangen. Natuurlijk was het weer voorn. Wel weer een mooie dikke 30 plus voorn, maar niet waar we voor kwamen. Henk ving ondertussen een kleine voorn op de feeder, welke vrijwel onmiddellijk werd gegrepen door ene kleine snoek. Natuurlijk had Henk voor de zekerheid zijn roofvishengel meegenomen, dus deze voorn verdween onder de snoekdobber. Binnen 30 minuten had Henk het snoekje te pakken. Een klein beestje van ongeveer 50 cm. snel weer terug en verder met waar we voor kwamen: zeelt.

Helaas hadden we net als de eerste dag weer last van bizarre Zweedse draaiwinden: wind in de rug, windstil en dan plotseling wind van opzei. Allemaal heel plaatselijk. Want als je het bij ons voelde waaien, zag je dat het op een andere plek van het meertje windstil was, heel bizar.

Omdat de wind ongunstig bleef waaien (niet in de rug) en omdat er helemaal geen vis op de stek kwam, besloten we het elders op het meertje te proberen. Op de elektromotor voeren we naar de andere kant en vonden daar een mooie lege plek, tussen 2 plantenbedden in. Wederom twee kleine voerplekken tegen de rand van de planten en de pen er op. Op een gegeven moment hoorden we steeds geplons tussen het de waterplanten een meter of 30 naast de boot. Vlak daarna zagen we rietstengels heen en weer bewegen. Duidelijk grote vis die er tegenaan zwemt. Daarna bewogen ook de plompenbladeren vlak bij mijn dobber. Er is leven en duidelijk grote vis. 5 minuutjes later gaat mijn pen onder…… mis. Gat in de lucht.

Dat is dan ook zowat het laatste leven dat we gezien hebben. Opvallend dat ook de voorntjes niet zo massaal op het aas duiken als de andere meren. Dat geeft toch het idee dat het voorn bestand hier niet zo groot is als op andere meren. Henk vangt er nog wel 1 met de feeder, maar het stelt allemaal niet zoveel voor. Als laatste truc beaast Henk zijn feeder met een dikke pier en als werpgewicht worden alleen 2 loodhagels gebruikt. Deze werpt hij simpelweg midden in het plantenbed in de hoop dat de gevlochten lijn bij een grote vis wel door de planten snijd. Helaas, alleen 1 klein voorntje trapt er in. Tegen 17:00 ben ik het vertrouwen kwijt en stoppen we ermee. Weer een leuke dag met heerlijk weer, maar de best moeilijk missie is mislukt. Was ook een gok natuurlijk.

Beiden zijn we het er over eens dat dit een meertje is waar je in moet investeren. Dat wil zeggen: voorvoeren. Een paar dagen achter elkaar met de boot wat plekken aanmaken aan de rand van de plantenbedden en deze markeren met een boei. Op deze manier kan je de aanwezige zeelt (want dat zit er absoluut!) ook laten wennen aan onbekende aassoorten als pellets en mais. Na een paar dagen is het dan zaak om tegen de avond te gaan vissen. Wat ons betreft succes gegarandeerd. Helaas hebben wij met onze beperkte tijd geen tijd voor deze manier van vissen.

Voor Hans en Pascal een geslaagde visdag met mooie vangsten. Voor Henk en mij een beetje een gokdag en helaas misgegokt.